Pieter Heijdanus, advocaat in de Hartenstraat in Amsterdam, werd in Weesp geboren als oudste zoon van notaris Thomas Heijdanus. In 1794, kort na zijn veertigste verjaardag en dus een jaar voor de inval van de Franse troepen, komt hem ter ore dat Jacob van Marken was overleden, "secretaris van de gerechte" van Weesp, Weesperkarspel en Hoog Bijlmer. Hij besluit om naar die betrekking te solliciteren en richt daartoe een request aan de Stadhouder Prins Willem V om hem met dat ambt te begunstigen. Pieter Heijdanus had in Utrecht rechten gestudeerd en was als advocaat toegevoegd aan het Hof van Holland. Hij was ongehuwd.
![]() | Secretaris"Secretaris van de gerechte" is enigszins te vergelijken met het huidige ambt van griffier bij de rechtbank. Heijdanus wist wel dat hij zich tot de Prins moest wenden, maar verkeerde in het onzekere over de juiste weg die hij daarbij moest afleggen. Hij is daarom zo verstandig om zijn sollicitatie te zenden aan Joannes Huygens, een procureur in Den Haag die al meerdere keren zaken van Weespers had behartigd. Huygens moet daardoor een goede bekende van zijn vader geweest zijn. Hij stond in ieder geval in nauwe relatie tot de Prins. |
| Prins Willem V |
Hun brieven zijn bewaard gebleven. In zijn brief aan Huygens laat Heijdanus weten dat het hem bekend is dat de Prins niet in Den Haag is. Anders zou hij zelf wel met de brief naar Den Haag zijn gekomen, want "ik versta mij de huishouding daar niet". Kunt u zorgen dat het in handen van Zijne Hoogheid komt? Ik heb hier een canael waardoor ik dat ambt moet bekomen". En moet ik ook solliciteren bij de heren Gecommitteerde Raden? Dit was een college uit de Staten van Holland en Westfriesland dat met benoemingen was belast. Maar het gaat pas tot benoeming over nadat de Prins heeft laten weten geen bezwaar te hebben. Huygens antwoordt per kerende post. Opvallend is het tempo van de briefwisseling. Heijdanus had op 5 mei geschreven, Huygens antwoordde op 6 mei, Heijdanus reageerde weer op de 7e en het volgende antwoord van Huygens is van de 8e.
Het antwoord van Huygens luidt: "Zijne Hoogheid is thans hier en het zal niet kwaad zijn dat UEd. zelf overkomt". U moet een zelfde request aan de Gecommitteerde Raden zenden en u zal zich in Den Haag zowel aan hen als aan de Prins moeten presenteren."Zijn Hoogheid moet door het canael waardoor UE werkt vooraf zijn gesproken want anders helpt uw sollicitatie weinig". Zaterdag en zondag is er geen audientie. Heijdanus antwoordt op 7 mei: "Het canael waardoor ik tracht te werken heeft alle andere canalen gestopt". Hij schrijft dat zijn vader bij de Gecommitteerde Raden bekend is omdat hij als notaris al bijna vijftig jaren voor dit college diensten heeft verricht. Huygens op 8 mei: Het is beter eerst de informaties af te wachten die u van tijd tot tijd zult bekomen. "Zijn deze favorabel dan is het zeer natuurlijk en welvoeglijk dat u overkomt". Er volgt een periode van stilte. Dan besluiten Gecommitteerde Raden op 27 mei om Heijdanus aan te stellen. Ze schrijven "dat de Prins zich gunstig (heeft) gedeclareerd". Het "canael" heeft dus gewerkt. Huygens laat het hem op 2 juni weten."WelEdele Heer & Vriend Ik weet niet of het UwEd. reeds bekend is dat UwEd. door zijn Hoogheid als secretaris van Weesp is aangesteld, maar het is mij heden gebleken, en ik heb de eer UwEd. daarmee van harte te feliciteren; wensende dat UwEd.die post lange jaren met veel genoegen zult mogen waarnemen." ( "secretaris van Weesp" is dus niet juist, hij was geen secretaris van de stad.)
Huygens adviseert hem de Hoogheid te gaan bedanken en bij de andere heren kaartjes te brengen. Hij verzuimt niet hem eraan te herinneren, dat hij aan de Staten f 200,- ambtgeld moet betalen en niet minder dan tweemaal f 400,- aan de Stad Amsterdam voordat hij kan worden beëdigd. Twee dagen daarna betaalt Heijdanus de f 1000,-. Zo ging dat nog een paar honderd jaar geleden. De daarop volgende woensdagmorgen vertrekt hij uit Amsterdam om op donderdag in Den Haag te kunnen worden beëdigd. Hij gaat in Weesp wonen. Vijf jaar later opent hij daar ook nog een notariskantoor. Pieter Heijdanus overlijdt in Weesp in 1813, hij is dan nog steeds ongehuwd.
Laatst gewijzigd: 14/03/12