Evangelisch Lutherse gemeente Weesp

Rond 1800 had Weesp ongeveer 2800 inwoners. De helft daarvan stond als gereformeerd bekend, een derde werd als rooms omschreven en een kleine driehonderd beschouwden zich als evangelisch-luthers. De lutherse gemeente Weesp bestond al vanaf 1642. Onder de lidmaten waren toen veel immigranten uit Duitsland en de Scandinavische landen. Ook de eerste dominee, Tobias Brustenbach, was een duitser. Hij kwam uit Wiesbaden.

Tegenwerking

In de beginjaren ondervond het kerkgenootschap veel tegenwerking van het stadsbestuur. In zijn nood zond de kerkenraad een verzoek om steun aan prins Frederik Hendrik, die daarop een aanbevelingsbrief aan het Weesper stadsbestuur zond. Het haalde niet veel uit. De lutherse gemeente bleef nog enige tijd tegenstand van het gereformeerde bestuur ondervinden.
In de eerste jaren kwamen de lidmaten bijeen in een ruimte aan de Achtergracht. Men zag wel uit naar een kerkgebouw maar beschikte niet over de benodigde middelen. Het was voor ds Brustenbach aanleiding voor een reis langs lutherse kerkgenootschappen in Nederland en zijn vaderland om geld in te zamelen. Dat lukte, waardoor de gemeente omstreeks 1650 een nieuw gebouw in gebruik kon nemen in de Jan Gortersteeg, die daardoor nog lang bekend heeft gestaan als de Lutherse Kerksteeg. Geldmiddelen bleven het zwakke punt, zodat van onderhoud van het gebouw niet veel terecht kwam.

Onderhoud

Aan het eind van de 18e eeuw werd het kerkgebouw als bouwvallig beschouwd. Van enkele belendende huisjes, die in het bezit waren van de luthersen, stortte zelfs het dak in.
Inmiddels zag de financiële situatie er wat florissanter uit, en was men in staat om aan de Nieuwstad een nieuwe kerk te laten bouwen. De opening was in 1818. Op het royale stuk grond kon het kerkbestuur in de loop van de 19e eeuw nog verscheidene huizen bouwen voor verkoop of verhuur.Uit een wijde omgeving kerkten de luthersen in Weesp. Ze kwamen onder meer uit Hilversum, Vreeland, Abcoude en Diemerbrug. Ook in de 19e eeuw bouwde men tegenover de kerk, aan de overkant van de gracht, een nieuwe pastorie. De laatste bewoners waren ds.Kok en zijn vrouw. Onder hen bloeide de gemeente. Dominee Kok was tevens glazenier.

Het kerkgebouw omstreeks 1900.

Fusie

In 1998 besloten de kerkenraden van de Evangelisch-Lutherse Gemeente, de Gereformeerde Kerk en de Hervormde Gemeente om tot een federatie te komen. Naderhand werd besloten om tot een fusie te streven. In 2004 namen de kerkenraden het besluit om slechts op één plaats, namelijk in de Grote of Laurenskerk, bijeen te komen. De laatste officiële dienst in de Maarten Lutherkerk vond plaats op zondag 5 maart 2006. De kerk werd verkocht aan een projectontwikkelaar. Deze beslissing leidde tot veel commotie onder oud-lidmaten. Er is thans een tandarts in gevestigd.


Laatst gewijzigd: 31/01/12